#Gezondheid #Management

Hoe herken en voorkom je zandkoliek bij je paard?

Momenteel komen zandkoliek en zanddiarree veel voor. Paarden krijgen koliek doordat de darmen minder functioneren door de toename van zand. Dit kan leiden tot gasophoping of een slag in de darmen, met alle ellende van dien.

Darmen moeten bewegen

Tijdens het eten van hooi of kuilvoer vanaf de grond van de wei of een zandbodem en met grazen krijgt een paard altijd wat zand binnen. Het zand vermengt zich met de vezels in de maag en de darmen. Zand is uiteraard onverteerbaar. Uiteindelijk zal het zand weer met de mest naar buiten komen.
Het doorstromen van het voer door de darmen gebeurt doordat de darmen samentrekken. Deze samentrekkingen door de spieren van de darmwand worden aangestuurd door het zenuwstelsel. De prikkeling van vezels in de darm speelt ook een belangrijke rol in de darmperistaltiek. Net als de hoeveelheid voermassa, dus de vulling van de darm, en de vochtigheid. Een gezonde darmperistaltiek is noodzakelijk om opgenomen zand te verwijderen. Zelfs de bewegingen van het paard zelf stimuleren de darmbewegingen.

Een gezonde darmperistaltiek is gebaat bij een rantsoen met veel vezels. Op een vezelrijk voer kauwt een paard goed en daardoor maakt hij veel speeksel aan. De darminhoud bestaat uit veel vochtig vezelrijk materiaal. In deze situatie zal het zand voor het grootste deel in de mest terechtkomen (>70%).

Zand aan kort gras

In een landje of paddock waar weinig gras groeit ontstaan twee problemen voor het paard. Het eerste probleem is dat het rantsoen te weinig is en dus dat het paard te weinig vezels opneemt. Zeker als het jonge groeiende grassprietjes zijn. Deze bevatten nog maar weinig vezelrijk materiaal. Het tweede probleem is dat het paard te veel zand binnenkrijgt, doordat hij laag bij de bodem grassprietjes met zijn tanden vastpakt en afbijt. Zeker als de grassprietjes niet goed in de bodem vastzitten, trekt het paard de hele grasplant eruit met wortel en zand en al.

Hogere zandopname? Dan blijft er meer zand in de darmen achter

In een zandpaddock eet het paard hooi van de bodem. Ook dan gaat er zand mee naar binnen. Zeker bij de laatste restjes. Krijgt het paard veel hooi, dan is het hopelijk voldoende om het zand eruit te werken. Maar hoe meer zand er binnen komt, des te groter is het risico dat er geleidelijk aan een ophoping van zand ontstaat in de darm.

Zandbank verhindert darmperistaltiek

De darmperistaltiek vermindert als de zandophoping groeit. De darmperistaltiek vermindert ook als er onvoldoende vezels binnenkomen. Bij een tragere darmwerking zakt steeds meer zand naar de bodem van de darm. Een zandbank van enkele kilo’s is geen uitzondering. Is er een zandbank ontstaan, dan stroomt de voedselmassa daar overheen, maar mengt zich er niet meer mee. De darmperistaltiek wordt minder en minder.

Koliek en ander narigheden

De vermindering van darmbewegingen geeft verandering van de verteerbaarheid van het voer. De afvoer van gas is minder, wat weer effect heeft op de ligging van de darmen. Het zand veroorzaakt ook beschadiging van de darmwand (‘zand schuurt de maag’) en daarmee van het absorptievermogen, maar ook de bescherming van de darmwand tegen ‘indringers’ of schadelijke bacteriën in de darminhoud. Al deze nare gevolgen kunnen leiden tot problemen in de gezondheid van het paard, variërend van slecht verteerde mest, waterige of brijige mest, tot verstoppingskoliek of gaskoliek aan toe.

Mestonderzoek

Bij een goede darmwerking komt opgenomen zand in de mest. Een beetje zand in de mest is dus geen ramp. Maar als er veel zand in zit, dan is de opname veel en is er een risico op zandophoping in de darmen. Door een mestonderzoek te laten uitvoeren, kom je erachter of er veel zand in de mest zit. Je kunt het ook zelf testen met behulp van een doorzichtige latex handschoen. Trek de handschoen aan en pak een paar verse mestballen op. Keer de handschoen binnenstebuiten en doe er water bij. Schud het een beetje los en hang de handschoen op. Wacht ongeveer een half uur en kijk dan hoeveel zand er in de vingertoppen zit. Zit er veel zand in de vingertoppen? Dan krijgt je paard te veel zand binnen.

Let wel: Bij een slechte darmwerking kan de zanduitscheiding in de mest erg laag zijn. Is er geen zand in de mest, dan betekent dit nog niet dat het paard ‘schoon’ is. Vanwege variatie in de darmwerking gedurende de dag of dagen, kan dan beter 4 of 5 dagen achter elkaar onderzoek gedaan worden. Is er veel zand in de mest, dan kan dat betekenen dat de darmen goed werken, maar ook dat het paard best veel zand opneemt.

Voermanagement is sleutel tot verbetering

Het rantsoen en vooral het management van het paard is de schakel in preventie van zandproblemen. Het probleem ontstaat niet plotseling, maar is een gevolg van enkele weken of maanden in een bepaalde situatie. Wat kun je hieraan doen?

Zet een paard niet in een kaal landje

Op een kaal landje begint in het voorjaar het gras te groeien. Paarden zullen dit direct opeten en misschien zie je niet eens dat het gras groeit. Om meer ruwvoer te geven kun je hooi bijvoeren in deze ‘wei’, maar vaak blijft dit liggen, want het gras is lekkerder. Beter is het om het paard uit deze paddock/wei te halen, om zo het gras de tijd te geven te groeien en steviger te worden. Op stal zal het paard mogelijk ook nog met lange tanden het hooi eten, want ouder hooi is nu eenmaal niet zo lekker als vers gras. Maar hij kan in ieder geval geen zand meer binnenkrijgen.

Geef altijd veel vezels

Zorg dat paarden altijd voldoende vezelrijk voer krijgen, zoals hooi of kuilgras. Dit stimuleert de darmbewegingen. En daarmee de verwijdering van zand uit de darm. Voorkom zandopname door geen hooi van een zand- of weidebodem te voeren. Geef hooi in een voerbak die op een zandvrije ondergrond staat. Bij voorkeur met een rooster erin, om te voorkomen dat het hooi eruit getrokken wordt.
En laat paarden niet grazen op een graslandje met kort gras. Geef het gras de tijd om te groeien en vezelrijk te worden. Gras is een rijk voedermiddel voor paarden. Weidegang kan snel leiden tot overgewicht. Maak een systeem voor goed weidebeheer om al deze facetten te controleren.

Is alleen een supplement voldoende?

Omdat het minder makkelijk is het management te veranderen, zijn veel mensen geneigd dit probleem met een supplement op te lossen. Natuurlijk is het vele malen beter om te zorgen dat het paard beter gehouden en gevoerd wordt.
Een veel gebruikt supplement om zand uit de darmen te verwijderen is vlozaad of psyllium. De zaadhuiden komen van de zaden van de plant Plantago (soort Weegbree). Deze zaadhuiden bevatten een voedingsvezel die heel veel water kan opnemen. Dus met speeksel en darmsappen zal het volume enorm toenemen. Dit werkt bij de mens op de stoelgang. Of het bij paarden de peristaltiek van de darm beïnvloedt of dat de slijmige massa zand aan zich bindt, blijft twijfelachtig. Bij gebruik van 0,5 gram per kilogram lichaamsgewicht gedurende 4 dagen lijkt het een licht positief effect te hebben. Maar als in de darmen een ‘zandbank’ is gevormd, zal ook het psyllium hier overheen gaan zonder veel zand mee te nemen

Vond je dit een interessant artikel? Volg Paardenvoerplein dan op Facebook!

Weet wat je paard eet. Abonneer je nu op onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte! Nu abonneren