#Gezondheid #Management

Rantsoen aanpassen bij hoefbevangen paard

Hoefbevangenheid is een veel voorkomende aandoening bij alle typen paarden, maar het meest bij de sobere paarden- en ponyrassen, zoals Shetland- en Welshpony’s, IJslanders en Haflingers. Bij de behandeling van hoefbevangenheid is het noodzakelijk om het rantsoen onder de loep te nemen.

Hoefbevangenheid is een ontsteking in de hoef, waardoor de verbinding tussen hoefbeen en hoefwand in meer of mindere mate verloren gaat. Een uiterst pijnlijke situatie. Het paard kan acuut kreupel staan, maar het kan ook minder duidelijk zijn en leiden tot wisselende lichte kreupelheid. Een goed onderzoek door de dierenarts is een vereiste. En een behandeling tegen de pijn.

Hoefbevangenheid behandelen

Als de diagnose hoefbevangenheid is gesteld, wil je natuurlijk weten hoe verder. Wat is de prognose? Welke behandeling is noodzakelijk? Hoe lang gaat het duren? En wat moet ik voeren? Dit zijn allemaal vragen waar het antwoord per paard of pony verschillend op kan zijn. De oorzaak, de ernst en de schade in de hoef zijn bepalend voor de prognose. Maar ook het doel van het paard maakt daar deel van uit. Is het een pony die niets hoeft te doen, of gaat het om een sportpaard?

Hoefbevangenheid is in het merendeel van de gevallen een gevolg van een verstoring in de hormoonhuishouding. Overbelasting, zoals het rijden zonder ijzers op een verharde weg, komt minder vaak voor. De verstoring van de hormoonhuishouding is vaak niet acuut, het proces is al veel langer gaande, maar wordt niet herkend.

Verminderde gevoeligheid voor insuline

De verstoring leidt tot een verminderde gevoeligheid voor insuline. Het hormoon insuline heeft meerdere functies. Eén daarvan is het reguleren van de hoeveelheid glucose in het bloed. Door een krachtvoerrijk rantsoen, verminderde werking van een ‘hormooncentrale’ (bijvoorbeeld door PPID – voorheen ziekte van Cushing genoemd – of ouderdom), door genetische aanleg voor soberheid (door bijvoorbeeld energiesparing of EMS – combinatie van overgewicht, insulineresistentie en hoefbevangenheid) of overgewicht, kan deze verstoring van de hormoonhuishouding ontstaan.

Paarden met een verminderde gevoeligheid voor insuline hebben een rantsoen nodig met weinig zetmeel en suiker. Toch is het rantsoen niet voor elk paard met hoefbevangenheid gelijk. Naast het aandeel zetmeel en suiker zijn er natuurlijk andere kwalificaties van het rantsoen. Wat heeft het paard nodig? Een paard met overgewicht heeft een rantsoen nodig met minder energie. Maar een ouder paard dat mager is, zal juist een redelijk energierijk rantsoen moeten krijgen. Ook de mate van bewegingsmogelijkheden en de opties om weer in de sport terug te keren, bepalen de samenstelling van het rantsoen.

Zetmeel en suiker

Het is een misvatting om het rantsoen alleen op het aandeel zetmeel en suiker te beoordelen. Er zijn nog zoveel zaken meer waar op gelet moet worden. Bevat het rantsoen voldoende vezels en structuur, eiwit, mineralen en vitaminen, en staat het paard niet te lang zonder eten?

Een op-maat-advies geeft het beste resultaat. Door het rantsoen op het paard toe te spitsen en ervoor te zorgen dat de gezondheid optimaal wordt ondersteund, kan het herstel beter en sneller plaatsvinden. Een voeradvies geven zonder het paard te beoordelen en de oorzaak te kennen, leidt niet tot het beste resultaat. De dierenarts kan na onderzoek medicijnen geven en de dierenarts die kennis heeft van voeding maakt een passend dieetadvies. Na verloop van tijd kan het nodig zijn het rantsoen weer te wijzigen als het paard herstellende is. Overleg met de dierenarts en zorg voor een goede begeleiding.

Ook interessant:
Zo check je of je paard te dik of te dun is
Help, mijn paard is te dik

Vond je dit een interessant artikel? Volg Paardenvoerplein dan op Facebook!

Weet wat je paard eet. Abonneer je nu op onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte! Nu abonneren