#Gezondheid #Management #Ruwvoer #Weide

Voedingsrisico’s in het najaar: wees alert!

In het najaar verandert het rantsoen van je paard en zijn er een paar risico’s die je moet proberen te vermijden. Andere grasgroei, minder gras en meer voer op stal, misschien wel storm en regen met plotseling veel eikels in de wei. Wie zal het zeggen wat er gaat gebeuren? Goed om je vooraf even te bezinnen wat je wilt gaan doen met het rantsoen de komende weken. En waar je op moet letten als je het rantsoen gaat veranderen.

In september kan het gras nog aardig groeien. Afgelopen zomer heeft de grasgroei nagenoeg stilgestaan door de enorme droogte. Als het water weer uit de hemel valt, kan dat een grasgroeispurt in gang zetten. Snelgroeiend gras is vaak niet erg structuurrijk. Eten paarden veel ‘slap’ gras, dan kan dunne mest ontstaan. En kan je paard ook nu van het gras te dik worden, omdat met dit gras redelijk veel energie en eiwit binnenkomt. Blijft je paard nog veel in de wei, en is het gras wat structuurarm (slap), voer dan toch wat hooi bij voor extra structuurvezels. Hiermee voorkom je een te snelle fermentatie met risico op diarree en koliek.

Neem de tijd

Staat er niet zoveel gras meer, of mag je paard niet meer zo lang op de wei vanwege bijvoorbeeld te veel regen en een te natte bodem, dan wordt het rantsoen op stal weer belangrijker. Veranderingen in het rantsoen zijn altijd reden even oplettend te zijn of dit wel op de juiste manier gebeurt.

Omdat paarden een groot deel van het rantsoen door micro-organismen in de blinde- en dikke darm laat afbreken (fermentatie), heeft een verandering van dit rantsoen gevolgen voor deze micro-organismen. Verandert het rantsoen, dan zijn andere micro-organismen nodig om dit af te breken. Als je deze verandering te snel doet, dan kan de darmflora zich niet op tijd aanpassen. En dan kan het paard koliek krijgen. Hanteer als vuistregel dat je voor elke voerverandering vijf dagen de tijd neemt. Dus nooit van volledige weidegang in één keer terug op stal. Maar eerst een aantal dagen geleidelijk minder uren in de wei, en meer ander ruwvoer bijvoeren.

Geef extra beweging

Staat het paard langer op stal, dan beweegt hij minder dan in de wei. Logisch, maar wel even iets om te beseffen. Het lopen in de wei stimuleert de darmwerking. In de periode dat paarden meer op stal komen, zien dierenartsen meer patiënten met een verstoppingskoliek. Het paard krijgt op stal niet alleen een wat minder makkelijk verteerbaar voer (hooi in plaats van gras), maar het paard staat veel stil. Geef daarom in deze overgangstijd extra beweging aan je paard.

Pas op voor eikels en esdoornbladeren

In een bomenrijk gebied kan het bij stormachtig weer voorkomen dat de wei opeens vol ligt met eikels. Zeker de wat jonge groene eikels kunnen rijk zijn aan gifstoffen. Paarden vinden ze soms heerlijk en gaan ernaar op zoek. Koliek en diarree, maar ook nierbeschadiging zijn nare gevolgen. Hoe meer ze ervan eten des te groter de schadelijke gevolgen. Haal óf het paard óf de eikels uit de wei. Of zet het deel van de wei af waar de meeste eikels liggen.

Nog een risico bij paarden die in het najaar in de wei staan en geen ander bijvoer krijgen, is een ernstige vorm van spierbevangenheid (atypische myopathie). Dit wordt veroorzaakt door esdoornbladeren of -zaden die met een bepaalde schimmel besmet zijn. Ook hier geldt dat je de wei moet schoonmaken of het paard uit de wei moet halen.

Het veranderen van seizoen zorgt voor verandering van het rantsoen. Door vooraf goed te weten waar je op moet letten kan je risico’s beperken en je paard gezond houden. Als je de veranderingen in het rantsoen maar geleidelijk doet, kan je paard zich prima aanpassen.

Weet wat je paard eet. Abonneer je nu op onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte! Nu abonneren