#Gezondheid #Management

Wat als… je paard voerproppen maakt?

Nu de paarden op het winterrantsoen staan, is het goed om eens te kijken of ze op het juiste gewicht blijven. Voor paarden met een minder goed gebit, kan het eten van ruwvoer lastig worden. De verteerbaarheid van het voer daalt en dat leidt tot minder energieopname. Oudere paarden vermageren vaak tijdens de wintermaanden. Als het voer echt lastig te verkleinen is, slikken ze het voer niet meer door, maar laten ze voerproppen terugvallen in de voerbak. En wat moet je dan?

Kauwen

Voor paarden is kauwen essentieel voor een goede vertering. Door het vermalen van het voer gaan celwanden kapot. De eiwitten en makkelijk verteerbare koolhydraten in de cel komen vrij. In de dunne darm zorgen enzymen voor de afbraak van deze voedingsstoffen, zodat het paard energie en aminozuren (eiwitonderdelen) kan opnemen. De celwanden zijn niet door enzymen te verteren. Zij stromen door naar de dikke darm om door de darmflora in energie te worden omgezet. Tijdens het kauwen komt speeksel vrij wat tot doel heeft het voer goed doorgeslikt te krijgen en de voermassa met de maagsappen te mengen. Door de hoge zuurtegraad is speeksel ook een buffer voor het maagzuur en beschermt het de maag tegen maagzweren.

Kiezen

Kiezen van paarden komen geleidelijk uit de kaak omhoog en slijten bij gebruik af. Ze groeien niet aan, dus als de kiezen ‘op’ zijn, komen er geen nieuwe. De slijtvlakken zijn ribbelig van aard. Een soort wasbord. Met het malen van de kiezen kan stengelig ruwvoer zo goed verkleind worden. Gedurende het leven verdwijnen de harde ribbels in de kiezen en worden de kiesvlakken gladder. Zo wordt de maalfunctie minder. Ook de spierkracht in de kaken gaat achteruit. Vandaar dat oudere paarden beter gras en fijn hooi kunnen fijnmalen dan grofstengelig hooi. Als er kiezen uitvallen is de maalfunctie nog minder geworden. En bestaat er kans dat er voedsel tussen de kiezen blijft zitten. Een goede gebitscontrole is dus zeker nodig bij het oudere paard.

Voerproppen

Tijdens het kauwen maalt het paard de kaken over elkaar. Het ruwvoer draait in rolletjes tussen de kiezen en wordt steeds verder naar achteren verplaatst. Als het fijn genoeg is, slikt het paard dit door. Lukt het niet om het voer voldoende fijn te malen dan kan het paard dit minder goed doorslikken. Soms gebeurt dat toch, maar soms laat het paard deze rolletjes of proppen voer uit zijn mond vallen. Als je je paard moeilijker ziet kauwen of hij inderdaad niet al het ruwvoer doorslikt, vraag dan de tandarts/dierenarts het gebit na te laten kijken. Gelukkig kunnen veel problemen verholpen worden, maar bij het oudere paard is het gebit niet altijd meer voldoende op te knappen. Blijft het paard voerproppen maken, dan moet het rantsoen aangepast worden. Langstengelig voer doorslikken kan de vertering verstoren en mest- of koliekklachten geven. Helemaal vervelend is het als er een slokdarm- of dunne darmverstopping door ontstaat.

Noodzakelijke vezels

Je paard kan niet zonder ruwvoer, of in ieder geval niet zonder voedingsvezels. Dus als je paard voerproppen maakt en het ruwvoer niet meer kan eten, is het niet goed om dan maar alleen krachtvoer te geven. Krachtvoer is een aanvullend voer, vaak gemaakt van granen en graanbijproducten, en levert energie dat voor een deel uit zetmeel en suikers komt en een beetje uit vetten. Het bevat ook ruwe celstof, oftewel vezels, maar dat aandeel is laag. Het paard heeft vezels nodig voor een gezonde darmwerking en als voedingsbron voor de darmflora.

Vervangende voedermiddelen

Als het ruwvoer niet goed gekauwd kan worden, is de eerste stap om te kijken of het paard een meer zacht en fijn soort hooi of gras wel kan eten zonder voerproppen te maken. Als dat ook niet meer gaat, zijn er ruwvoervervangers te koop, gemaakt van voornamelijk grassen en redelijk fijnvermalen tot korte stukjes. Het paard hoeft minder te kauwen om dit toch veilig door te kunnen slikken. De ruwvoervervangers kunnen uitgebreid zijn met meer voedingsstoffen, zoals eiwit, wat vetten en mineralen en vitaminen tot een compleet (senior)voer. Seniorvoeders bevatten niet altijd fijnvermalen grassen. Andere vezelrijke ingrediënten zoals haverkaf, sojahullen, tarwezemelen, appel- of bietenpulp, luzerne en lijnzaadkaf komen allemaal voor en worden in verschillende combinaties gebruikt. Let wel op, want niet elk seniorvoer is ook een compleet voer. Vraag advies aan een dierenarts of voedingsdeskundige welk voer voor jouw paard geschikt is.

Voermanagement

Omdat ruwvoer eten voor een paard hoort bij het natuurlijke gedrag, geeft een rantsoen zonder ruwvoer, ook al bevat het ruwvoervervangers, veel minder tijdsbesteding. Je kunt dit opvangen door veel kleine porties te geven en kijken wat je het paard kan bieden tegen verveling. Bij soortgenoten zetten, werken of ‘spelen’ met je paard en veel aandacht geven. Het ene oudere paard kan er beter tegen dan het andere. Maar het management is wel een belangrijk onderdeel dat veel tijd kost. Als het rantsoen alleen uit een compleet seniorvoer kan bestaan, moet je dus goed nadenken of het tot een paardwaardig leven leidt. Soms is het tijdelijk nodig als het paard in de zomer met gras weer ruwvoer kan eten.

Tip

Laat het gebit van je paard regelmatig controleren door een deskundige tandarts (zie ook: NVVGP). Je kan dan tijdig ingrijpen met een aangepast rantsoen.

Ook interessant:
Gebitsproblemen bij paarden?
Oudere paarden langer gezond door goed rantsoen

Vond je dit een interessant artikel om te lezen? Volg Paardenvoerplein dan op Facebook!

Weet wat je paard eet. Abonneer je nu op onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte! Nu abonneren