#Krachtvoer

Basisbrok of sportbrok?

Foto: Lonneke Ruesink

Wat zijn eigenlijk de verschillen tussen een basisbrok en een sportbrok? En zijn de verschillen altijd even groot of kan dit per merk verschillen? En op welke waarden moet je letten?

Er zijn geen richtlijnen of regels voor de termen die gebruikt worden voor paardenvoeders. Een basisbrok of sportbrok hoeft dus niet aan bepaalde minimale waarden te voldoen om deze naam te mogen krijgen. Ditzelfde geldt voor muesli’s. Daarom is het belangrijk dat je zelf goed oplet en producten onderling met elkaar vergelijkt. Een basisbrok van het ene merk kan vergelijkbaar zijn met een sportbrok van een ander merk. Sportbrokken zijn meestal duurder dan basisbrokken, dus als je goed oplet zou je geld kunnen besparen.

Energie en zetmeel

Over het algemeen kun je ervan uitgaan dat een basisbrok is ontwikkeld voor paarden die geen/weinig arbeid verrichten. Bijvoorbeeld recreatiepaarden die naast het ruwvoer net iets extra’s nodig hebben. Een sportbrok wordt over het algemeen ontwikkeld voor paarden die lichte tot matige arbeid verrichten. Denk aan een paard dat circa 5 tot 6 keer per week wordt getraind op M- tot Z-niveau. Afhankelijk van de arbeid die je van jouw paard verlangt is het belangrijk om op de energiewaarde (EWPa) te letten. Hoe hoger deze waarde, hoe meer energie het voer bevat. EWPa-gehalten in krachtvoer variëren van circa 0,75 tot 1 EWPa. Er zijn diverse bronnen die energie kunnen leveren voor een paard: suiker, zetmeel, vezels en vet. Meestal geldt: hoe hoger de energiewaarde van het krachtvoer, hoe hoger het gehalte aan zetmeel. Zetmeelgehalten in krachtvoeders variëren van circa 18 tot 40 procent. Voor sportpaarden die gevoelig zijn voor zetmeel door bijvoorbeeld spierbevangenheid, kun je het beste een voer met weinig zetmeel kiezen, maar let dan wel op de energiewaarde van het totale rantsoen. Deze paarden zouden extra energie moeten krijgen uit vezels of vet.

Eiwit

Ieder paard heeft eiwit nodig, dit is de bouwstof van het lichaam. Voor sportpaarden is extra eiwit belangrijk voor spieropbouw en -herstel. Let hiervoor op het ruw eiwit en VerteerbaarEiwitPaard (VREp). Het ruw eiwitgehalte is de totale hoeveelheid eiwit in het voer en de VREp-waarde geeft informatie over de hoeveelheid eiwit die een paard kan verteren en dus benutten uit het voer. Ruw eiwitgehalten variëren van circa 10 tot 15 procent en VREp-waarden van 80 tot 120 gram. Goede kwaliteit gras en ruwvoer bevatten ook veel eiwit, dus een groot deel van de eiwitbehoefte kan normaal gesproken door het gras en/of ruwvoer gedekt worden. Als je ruwvoer hebt van lage kwaliteit en jouw paard krijgt geen gras, dan is het eiwitgehalte in het voer extra belangrijk, met name voor sportpaarden, groeiende paarden, drachtige en zogende merries.

Vitaminen en mineralen

Sportbrokken zouden meer vitaminen en mineralen moeten bevatten dan basisbrokken. De reden hiervan is dat paarden die veel arbeid moeten verrichten een grotere behoefte hebben aan de meeste vitaminen en mineralen. De analysewaarden van het voer kunnen veel informatie geven over wat er in het voer zit, maar let ook op de grondstoffen. De kwaliteit en samenstelling van de grondstoffen hebben grote invloed op de opname van de voedingsstoffen in het paardenlichaam.

Verschillende soorten basisbrok en sportbrok met elkaar vergelijken? Dat kan met een handige tool op VoerVergelijk.nl.

Ook interessant:
Hoe lees ik een voeretiket? 

Vind je dit een interessant artikel? Volg Paardenvoerplein dan op facebook!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Weet wat je paard eet. Abonneer je nu op onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte! Nu abonneren