#Gezondheid #Krachtvoer #Management #Ruwvoer #Supplementen & Extra's

Hoeveel voer heeft een paard nodig?

Een goed voerschema voor een paard opstellen valt nog niet mee. De gemiddelde paardeneigenaar vraagt het zichzelf wel eens af: hoeveel ruw- en krachtvoer heeft mijn paard eigenlijk nodig? Wanneer op de dag kan ik dat het beste geven? En moet er een aanvulling bij?

Om een paard in optimale conditie te houden en om de kans op gezondheidsklachten tot een minimum te beperken, dient hij een uitgebalanceerd dieet voorgeschoteld te krijgen. Een dieet dat zo veel mogelijk tegemoet komt aan het rantsoen van een paard in de vrije natuur. Erkend paardendierenarts Françoise Rey van Dierenkliniek Winsum in Groningen legt uit hoe een gezond en verantwoord voerschema kan worden opgesteld.

Spijsverteringsstelsel

“Als je een voerschema wilt opstellen, moet je je er allereerst goed van bewust zijn hoe het spijsverteringsstelsel van het paard is opgebouwd”, stelt Fançoise Rey. “Een paard is ontworpen om 14 tot 16 uur per dag te grazen. Daarbij neemt hij 1,5 tot 2% van het lichaamsgewicht aan ruwvoer (in droge stof) op. Dat houdt voor een paard van 600 kilo in dat hij in de natuur maar liefst 56 tot 75 kilo gras opneemt. Op stal zou dat betekenen dat het dan 18 tot 24 kilo kuilgras eet.”

Ruwvoer

Het maag-darmkanaal van het paard is ontworpen om de hele dag bezig te zijn met het verteren van ruwvoer. Graan komt in de natuur niet in het rantsoen van een paard voor. Voer dat het meest lijkt op het rantsoen dat het paard in de natuur krijgt, geeft het minste risico op problemen zoals koliek, maagzweren en spierbevangenheid, aldus Rey. “Als je een basisrantsoen wilt opstellen, ga dan eerst uit van het ruwvoer; hooi of kuil. Het paard moet een minimum van 1% van het lichaamsgewicht aan ruwvoer (droge stof, kuilgras voor paarden is circa 60% droge stof) aangeboden krijgen. Meer is beter.”

Wordt het paard daar te dik van, dan adviseert Rey om voor een armer soort ruwvoer te kiezen. “Een grasspriet heeft een blad en een stengel. De energie zit in het blad. Langer uitgegroeid gras heeft een lange stengel en in verhouding minder blad. Hoe stengeliger het voer, hoe armer het is aan voedingsstoffen. Als het paard te mager dreigt te worden, kies dan juist voor een rijker ruwvoer.”

Aanvullend krachtvoer

Krachtvoer moet worden gezien als aanvulling op het ruwvoer, aldus Rey. In krachtvoer zitten vitaminen en mineralen die misschien niet in hooi of kuil zitten. Een paard dat niet werkt, kan daarom voor de zekerheid toch 1 kilo basisbrok krijgen voor de benodigde vitaminen en mineralen. Voor een pony kan 0,5 kilo worden aangehouden. “Probeer voor het gemiddelde paard een krachtvoergift van 1 tot 2 kilo per dag aan te houden. Als het paard daar, om wat voor reden dan ook, niet genoeg aan heeft, is het verstandig om te kiezen voor een ander soort brok. Welke soort brok je geeft, is afhankelijk van de reden waarom het paard überhaupt krachtvoer krijgt. Als hij actiever moet zijn met werken, kies dan voor een sport- of prestatiebrok voor meer snelle energie. Moeten er dikkere spieren op het paard, dan biedt merriebrok mogelijk een uitkomst vanwege het extra eiwit voor spieropbouw. Moet er meer vlees op de ribben, ga dan terug naar de basis: meer ruwvoer erin stoppen.”

Natuurlijk zijn er paarden die meer brok nodig hebben dan 2 kilo per dag, bijvoorbeeld omdat ze zware arbeid verrichten. “Maar denk erover na waarom dat nodig is en of je dit ook op kunt lossen met ander kracht- of ruwvoer”, tipt Rey. “Hoeveel en wat voor energie je in je paard stopt, hangt vooral af van hoe dik je paard is en of je hem heter of juist rustiger in het werk wilt hebben.”

Dikmakers

Als een paard echt niet op gewicht blijft met ruwvoer, dan kan met krachtvoer worden bijgestuurd. “Maar dan worden ze meestal dus wat ‘heter’ in het werk”, weet de paardendierenarts. “In dat geval kun je proberen ‘trage’ energie bij te voeren. Dat kan door een vetrijke brok of met behulp van olie, zoals zonnebloemolie. Als je het rustig opbouwt, kan een paard wel 0,5 liter olie op een dag verteren. Daar krijgen ze niet meer energie van, maar ze worden wel dikker.” Een andere energiebron in brok is zetmeel. Daar wordt het paard iets drukker van. Veel zetmeel geeft risico op spierbevangenheid. Krachtvoeders bevatten voedingssuikers, bijvoorbeeld melasse. Dit komt nog sneller beschikbaar in het paardenlijf dan zetmeel. Het paard krijgt daar dus ook meer energie van. Je kunt door een ander soort brok te kiezen heel veel sturen. In de praktijk blijkt dat de voeding vooral afhankelijk is van het ras en niet zozeer van de sportdiscipline. Van zoiets als disciplineafhankelijk voeren is eigenlijk geen sprake”, stelt Rey.

Maagzweren

Wanneer je je paard onregelmatig traint, adviseert Rey om het paard overeenkomstig te voeren. Minder arbeid betekent minder krachtvoer. Anders bestaat het risico op spierbevangenheid door mogelijk overmatige zetmeelopslag in de spieren. Een andere kwaal die samenhangt met voeding, is het ontstaan van maagzweren. Een paard maakt de hele dag maagzuur aan. Rond voertijd wordt extra maagzuur aangemaakt. Dit moet worden geneutraliseerd door speeksel. Een paard maakt maar weinig speeksel aan bij het eten van brok, maar juist wel bij het kauwen op ruwvoer. ’s Morgens vroeg is de maag erg zuur omdat er al een poos geen ruwvoer is gekauwd. Geef je eerst brok, dan maakt het paard nog meer maagzuur aan, maar nauwelijks speeksel. Dat verhoogt het risico op maagzweren.

Lees meer over het eerst voeren van ruwvoer. 

Extraatjes

“Normale paardenvoeding bevat vrijwel geen elektrolyten, oftewel zouten”, vertelt Françoise Rey. “Paarden die meer arbeid verrichten, raken veel elektrolyten kwijt door te zweten. Een zoutblok in de stal is niet voldoende om dit aan te vullen. Elektrolyten supplementen zijn voor zwetende paarden een must, vooral in de samengestelde disciplines.”

Een ander optioneel extraatje is vitamine E. Een paard moet minimaal 800 mg vitamine E per dag krijgen. Bij zware arbeid is dat meer, een sportpaard heeft minimaal 1200 mg vitamine E nodig. “Dat zit vaak niet in voldoende mate in het rantsoen en moet worden aangevuld in de vorm van een supplement”, besluit Rey.

Tips voor voeren van alledag:

  • Voer minimaal 4 keer per dag ruwvoer. Verdeel krachtvoer over 2 porties.
  • Begin ’s morgens vroeg met ruwvoer. Wacht daarna minimaal 20 minuten met het geven van krachtvoer. Dit om maagzweren te voorkomen.
  • Wacht met arbeid tot minimaal 2 uur na het geven van krachtvoer. Circa 2 uur na het geven van brok heeft een paard een dip in de bloedsuikerspiegel. Als een zware training of een wedstrijd staat gepland, geef dan minimaal 3 uur van tevoren krachtvoer.

Lees/bekijk ook:
Hoeveel gras eet mijn paard?
Video: Hoeveel ruwvoer heeft een paard nodig?

Vind je dit een interessant artikel? Volg Paardenvoerplein dan op facebook!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Weet wat je paard eet. Abonneer je nu op onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte! Nu abonneren