#Supplementen & Extra's #Weide

Lezersvraag: Halen jonge paarden in de opfok voldoende uit alleen gras?

Lezersvraag: Voor veulens bestaat er opfokbrok in alle soorten en maten. Dit is nodig voor de groei en goede ontwikkeling van botten en pezen. Nu verbaast het mij dat (ook) op de gerenommeerde opfokbedrijven in de zomer 24/7 weidegang wordt aangeboden, zonder krachtvoer. Kan ik ervan uitgaan dat jonge paarden voldoende halen uit alleen gras in de zomer?

Antwoord van dr. Anneke Hallebeek, specialist veterinaire diervoeding:
Heel fijn dat je nadenkt over de voeding van het jonge paard. De groeiperiode moet goed ondersteund worden. Het kan zeker zo zijn dat extra aanvullingen nodig zijn. Nu loopt de groeiperiode van 0 tot 3 jaar. En daarvan verloopt de meest snelle toename in gewicht in het eerste jaar. De groei of ontwikkeling daarna is beduidend minder snel. Of de groei voldoende ondersteund wordt met het rantsoen is niet altijd makkelijk te beoordelen.

Drachtperiode

Wat een heel belangrijke factor is, is hoe het veulen zich in de baarmoeder heeft ontwikkeld en met name of de merrie voldoende goed gevoerd is tijdens de dracht. We weten aardig goed wat de voerbehoefte is van de merrie tijdens de dracht. Maar, de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat zeker niet elk rantsoen daaraan voldoet. Krijgt de merrie het juiste rantsoen met de juiste samenstelling aan voedingsstoffen, dan groeit niet alleen het veulen optimaal, de merrie is dan ook goed voorbereid voor de melkproductie. En, misschien nog wel belangrijker, het heeft grote invloed op de samenstelling van de biest.
Maakt het veulen een goede start, drinkt het veel biest en daarna volop melk, dan is de groei optimaal. In principe heeft het veulen de eerste maanden dan niets anders meer nodig. Je zal zeker zien dat het veulen vrij snel ook gras zal proberen te eten (en mest van de moeder!), dat is allemaal nodig voor een goede ontwikkeling van het darmstelsel en de darmflora. De bijdrage aan voedingsstoffen is dan nog beperkt.

Bijvoeren voorkomt groeidip bij spenen

Na 3 maanden kan een begin gemaakt worden met het bijvoeren van het veulen. Met name om te leren meer vast voer te eten, zodat ten tijde van spenen (5-6 maanden) de voeropname zodanig is dat je een groeidip voorkomt als de melkopname wegvalt. Groeistoornissen of botafwijkingen ontstaan meestal door de groei té hard te stimuleren (met daarbij toch een tekort aan bepaalde mineralen) of door een inhaal van de groei na een groeiachterstand (ziekte of onvoorbereid spenen). Daar moet wel bij gezegd worden dat dit voor snelgroeiende rassen eerder een probleem wordt dan voor minder snelgroeiende rassen.

Groeicurve

Een KWPN-veulen groeit de eerste 3 maanden ongeveer 1,5 kg per dag en daarna circa 1 kg per dag tot 6 maanden. Na 12 maanden is circa 62% van het volwassen gewicht bereikt, na 24 maanden 84% en na 36 maanden 93%.

Als je kijkt naar de tijd in het jaar zie je dat in de eerste winter (6-12 maanden) het veulen nog vrij hard groeit. En daarmee een behoorlijk hoge behoefte heeft aan energie, eiwit en mineralen en vitaminen. Dit vergt zeker aandacht aan het rantsoen, door een rijke kwaliteit ruwvoer te geven en een aanvulling met wat veulenvoer.

Tweede zomer in de weide

In de tweede zomer (12-18 maanden) is de groei minder snel. Staan de jonge paarden in een wei met voldoende gras, dan levert het gras (meer dan) voldoende energie en eiwit om die groei te ondersteunen. Wat wel ontbreekt zijn een aantal essentiële nutriënten, zoals koper, zink en selenium. De opname met gras levert slechts 25-50% van hun behoefte aan deze voedingsstoffen. Of deze tekorten de groei negatief beïnvloeden is twijfelachtig. Maar ze kunnen wel een rol spelen in de ontwikkeling van de weerstand. Is de periode in de wei relatief kort, dan is dit geen groot risico, als ze in de andere maanden voldoende aanvulling krijgen. Bij meerjarig uitscharen in zomer en winter van jonge paarden, is het beter deze tekorten op een of andere manier te compenseren. Omdat de dosering en onderlinge verhouding belangrijk zijn, is een te grote hoeveelheid voeren ook niet goed. Dit maakt het lastig paarden in een groep op maat bij te voeren.

Kortom, zorg allereerst voor een optimaal rantsoen van de merrie. Bij een goede melkproductie is bijvoeren in de eerste maanden niet nodig. Snelgroeiende rassen kunnen baat hebben bij extra mineralen na 3-4 maanden. Voer daarna gedoseerd bij, maar voorkom een te snelle groei. In de zomermaanden kunnen jonge paarden voldoende energie en eiwit halen uit het gras, wel is een aanvulling van enkele mineralen zinvol om de tekorten in het gras te compenseren.

Heb jij ook een lezersvraag? Stel die aan ons! Stuur een mail naar: t.vandekrol@eisma.nl of stuur ons een berichtje op Facebook!

Meer weten over paardenvoeding? Koop dan ons VOER. Magazine! 

Weet wat je paard eet. Abonneer je nu op onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte! Nu abonneren